Elversele, ochtend.

Twee bomen die mij zwiepend wekken
en zich rekkend tot hun laatste naald
in de grijze domp op ramen krassen,
dat ik verwacht word op vergeten plekken:

bij wat rest nog van mijn vlegeljaren,
de aswegen waarop wij de Ronde reden,
zondagen vol Belcanto, kip, appelmoes en
het Eeuwig Gelijk van zij die ouders waren;

in de mist van het net gedroomde,
in de kerkers van vervlogen dagen,
waar dode vrienden en oude geliefden
om hun woorden en verhalen vragen:

of ik de vaagtes die nog overblijven,
veiligheidshalve op wil schrijven.

Bart Plouvier

 
    logo dichters des vaderlands